Generatiegolven als vernieuwingsimpulsen

15 januari 2008

In dit artikel wordt verslag gedaan van veldonderzoek naar generatiekenmerken en naar de effecten van generatieverschillen in vier organisaties. Voorafgaand leidde literatuurstudie tot een beeld van een generatietheorie. De kern van deze theorie is dat iedere opvolgende generatie in iedere levensfase is gericht op het evolutionair vernieuwen van de organisatiecultuur. Dat is de functie van generatieverschillen. Intuïtief ‘weten’ generaties wat ze in hun levensfase moeten doen om hun professie en hun werkomgeving te vernieuwen en zo het sociaaleconomische welzijn van organisaties te bevorderen. Het raakt ook hun bestemming. Generatiegenoten zijn individueel vitaler en gelukkiger naarmate ze daar collectief beter in slagen.

De gevonden verschillen tussen opvolgende generaties zijn vergeleken op het niveau van eenzelfde levensfase. Deze vergelijking leverde een beeld op van vier cultuurveranderingsprocessen die tussen 2000 en 2015 in Nederlandse organisaties door generaties worden aangezet. Deze processen spelen zich onder onze ogen af, maar worden nauwelijks bewust waargenomen en worden vaak onbewust geremd. Het bewust zijn en zien van deze processen schept mogelijkheden om deze beter te geleiden.

Lees verder